Vuurwerk

Na het eerste verhaal van Ceasar (23 december jl.) werden wij vanavond weer verrast met een nieuw verhaal geschreven door het toekomstige  bazinnetje van Ceasar en nu – hoe kan het ook anders in deze tijd van het jaar – over vuurwerk. Leuk om te lezen en voor te lezen aan kinderen.

Vuurwerk

Ceasar ligt lekker op zijn kleed.

Hij is weer eens aan het dromen.

Hij droomt dat er heel veel  kluifjes over hem heen vliegen.

Steeds als hij naar een kluifje hapt, is hij net te laat.

Opeens: BOEM!!!

Ceasar schrikt zo, dat hij van zijn kleedje rolt.

Hij zoekt in de kamer waar die herrie vandaan komt.

BOEM!!! Van schrik rent hij weer naar zijn mand en stopt zijn kopje onder de deken.

Alleen zijn zijn billen en zijn staart komen er nog onder uit.

BOEM SJJJJJJJJJJJJJJ!tatatatatata.

Nu bibbert Ceasar zo erg dat het dekentje op de grond rolt.

Er is niemand in de kamer.

Hij is zo bang dat zijn tanden klapperen.

Hij wil naar Lotte, maar waar is ze nu?

Hij begint heel hard te janken, maar ze komt niet.

Nu moet Ceasar weer dapper zijn.

Voorzichtig stapt hij op het parket.

Pootje voor pootje sluipt hij bibberend naar de deur.

Die staat op een kiertje.

Met zijn pootje duwt hij die verder open.

Hij hoort Lotte boven met haar poppen spelen.

Maar die traptreden zijn veel te hoog als je een teckel bent.

Ceasar probeert de eerste tree, dan de tweede, en rolt………bombombombom, weer naar beneden.

BOEM!!! BOEM!!! BOEM!!!!

Nus is hij zo bang dat het lijkt of zijn pootjes  langer getoverd worden.

Hij rent één keer naar boven, alsof hij een herdershond is.

Zoef, Lottes kamer in.

‘ Wat is er?’ vraagt Lotte.

BOEM, klabats!!!!!

Bibberend en jankend springt Ceasar in Lottes armen en stopt zijn kopje onder haar oksel.

‘O, het vuurwerk’, zegt Lotte.

Ze neemt Ceasar mee naar het raam.

‘Je hoeft niet bang te zijn Ceasar, kijk maar.’

Ceasar ziet allemaal sterretjes en lichtjes in de lucht.

Heel mooi, maar hij blijft toch liever in Lottes armen liggen.

Hij kijkt wel stiekem een beetje naar buiten, maar hij gaat er niet weg totdat alle grote boemen weg zijn.

Lidwien van Overbeek , 28 december 2016